Houtduif. Foto: Anton Overklift.
Houtduif. Foto: Anton Overklift.

Duiven in het landschap van Wassenaar

Achtergrond

Door Anton Overklift Vaupel Klein – met dank aan bioloog Wim Calame

In en rond Wassenaar vormt de duif een vertrouwd beeld. Vliegend, rustend op daken of foeragerend in de duinen, parken en op pleinen. Deze vogels zijn zowel gewone bewoners als interessante schakels binnen het lokale ecosysteem. Het zijn alle typische zaad- en bessen eters.

Welke duivensoorten zie je in Wassenaar?
In Nederland komen van nature verschillende duivensoorten voor, en dat is ook in Wassenaar zichtbaar:

Houtduif (Columba palumbus) de grootste en meest algemene wilde duif. Ze zijn te herkennen aan hun forse formaat en de witte vlekken op hals en vleugels. Deze duiven voelen zich thuis in parken, tuinen en bosranden en zijn tijdens het hele jaar te zien. In principe zijn het standvogels: ze blijven het hele jaar bij ons. Behalve wanneer het echt te koud wordt, dan trekt een deel naar Spanje/Zuid Frankrijk en krijgen wij exemplaren vanuit het noorden en oosten van ons land. Hun vijf-klanken bevattend gekoer is gedurende het hele jaar te horen, maar vooral in het voorjaar en de zomer.

Holenduif (Columba oenas) kleiner en rustiger van aard dan de houtduif, en vooral te vinden in bosrijke gebieden. In tegenstelling tot de houtduif is deze duif een holenbroeder. Je kunt het nest niet alleen in boomholtes maar ook in de grotere nestkasten aantreffen. Hun gekoer is een herhaald ver dragend donker geluid. Ook deze soort is standvogel, met in de winter wat aanvullingen vanuit het noord-oosten.

Zomertortel (Streptopelia turtur) tegenwoordig een zeldzame verschijning in den lande. In onze omgeving broedde het laatste paar in 2023 in Meijendel. Het is de enige inheemse duivensoort die in het najaar wegtrekt, naar Westelijk Afrika. Deze tortel broedt zo’n twee keer per jaar, maar bij slecht voedselaanbod nog maar één keer. Het is een weinig opvallende vogel, mede door zijn zacht herhaald gekoer. De achteruitgang wordt geweten enerzijds aan een verslechterd overwinteringsgebied en anderzijds aan gebrek aan geschikt nestelgelegenheid en tekort aan geschikte zaden van wilde planten.

Turkse tortel (Streptopelia decaocto) deze soort heeft zich sinds het midden van de 20ste eeuw flink verspreid over Nederland en maakt ook in Wassenaar het nest niet alleen in natuurgebieden maar ook in uw tuin en op richels aan uw huis. Broedparen kunnen wel tot 4 of 5 nesten per jaar verzorgen. Let bij deze soort op het drie-tonig (lijkt op “I love you”) geluid. Het was vroeger een populaire kooivogel.

Stadsduif / verwilderde rotsduif (Columba livia) — een veel geziene, tamelijk tamme verschijning in dorp en stad. Deze vogels zijn eigenlijk verwilderde nakomelingen van gedomesticeerde rotsduiven (postduiven). Ze nestelen graag op gebouwen en vinden voedsel in de menselijke omgeving, zoals op de Dam in Amsterdam, maar ook in onze Langstraat. De soort is vaak onderhevig aan maatregelen van de (lokale) overheid om het aantal vogels binnen de perken te houden.

Leefgebieden: van duin tot dorp
Wassenaar biedt een verrassend variëteit aan leefgebieden voor duiven: van de duinen en bosgebieden rond Meijendel tot de groene woonwijken en gazons. Bosranden, tuinen en parken zijn ideaal voor de rust terwijl zadenrijke vegetaties duiven verlokken. Open duinlandschap biedt ook voedsel in de vorm van zaden en bessen. Bebouwde kom en pleinen zijn de habitat bij uitstek voor stadsduiven dankzij beschutting, relatief gebrek aan roofvogels en voedselrestanten (van mensen, bewust of onbewust).

Aantallen en aanwezigheid
Precieze aantallen duiven in Wassenaar zijn niet altijd bekend maar in stedelijke centra en woonwijken kunnen de dichtheden van stadsduiven hoog zijn, net zoals in andere Nederlandse steden en dorpskernen waar ze in groepen voorkomen. Landelijk gezien lopen de aantallen vogels van verwilderde duivenpopulaties in Europa en Nederland in de vele honderdduizenden individuen.

Natuurlijke vijanden en rol in het ecosysteem
Duiven leven niet zonder risico’s. Hun natuurlijke vijanden zijn onder meer: roofvogels zoals sperwers, haviken en slechtvalken, die met name in de bosranden actief jagen. De roofvogels kunnen duiven vangen tijdens het vliegen of bij drinkplaatsen. Tijdens de vlucht worden de duiven soms gelijk gegrepen, maar soms ook letterlijk uit de lucht geslagen waarna de roofvogel de duif op de grond tot een consumptie verwerkt. Daarnaast zijn verschillende roofdieren zoals boom- en steen marters, bunzings, wezels en wasberen die jonge duiven uit nesten kunnen halen. Deze predatie vormt een natuurlijke controle op duivenpopulaties. Bij onze huiskat ligt dit helaas anders: vrij lopende katten zijn een direct gevaar voor een nest duiven, en niet zelden vindt een slachting plaats wanneer de kat een nest gevonden heeft. Of hier dan sprake is van een natuurlijke controle, blijft dan maar de vraag!

Houtduif. Foto: Anton Overklift.
Turkse Tortels. Foto: Anton Overklift.
Stadsduiven. Foto: Anton Overklift.
Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Advertenties