Afbeelding

De Halsbandparkiet: exoot of stadsgenoot?

Achtergrond

Door Anton Overklift Vaupel klein – met dank aan bioloog Wim Calame

De halsbandparkiet (Psittacula krameri) is een opvallende verschijning in veel Europese steden. Met zijn felgroene verenkleed, karakteristieke roze-zwart gekleurde halsband bij de mannetjes en lange sierlijke staart trekt hij onmiddellijk de aandacht van vogelliefhebbers en stadsbewoners. Maar achter de kleurrijke verschijning schuilt een complex verhaal van migratie, invasie en ecologische uitdagingen.

Algemeen en geschiedenis
Oorspronkelijk komt de halsbandparkiet uit twee verre regio’s: delen van Centraal- en West-Afrika, zoals Senegal, en het Indiase subcontinent. Het is een papegaaiensoort uit de familie Psittaculidae. Hun intrede in Europa vond plaats voornamelijk via ontsnapte of losgelaten kooivogels en volièrevogels. Vanaf de zestiger jaren van de vorige eeuw zijn ze succesvol verwilderd, en inmiddels zijn er wereldwijd gevestigde populaties te vinden, van Europese steden tot Japan en de Verenigde Staten.

Uiterlijk en levenswijze
De halsbandparkiet is 38 tot 42 cm lang, inclusief de lange staart, en heeft een felgroen verenkleed. De snavel is rood, en mannetjes onderscheiden zich door de opvallende zwarte kinvlek en roze-zwart gekleurde halsband. Vrouwtjes en jonge vogels missen deze vaak. Hun levensduur kan flink oplopen; in gevangenschap leven ze soms tot wel 30 jaar.

Voortplanting
Het zijn holenbroeders, die hun nest bouwen in boomholtes of soms in nestkasten. In Nederland broeden ze vaak in kolonies, vooral in stedelijke gebieden. Een legsel bevat meestal 3 tot 4 eieren, soms tot 6. Na een broedduur van ongeveer 24 dagen blijven de jongen zo’n 50 dagen in het nest.

Voeding
Halsbandparkieten zijn alleseters: ze eten zaden, fruit, bessen, knoppen, bloemen en nectar. In steden profiteren ze ook van tuinzaden, vruchten (inclusief knoppen) of voedselresten. In hun oorspronkelijke verspreidingsgebied worden ze soms als plaag beschouwd, omdat ze landbouwgewassen zoals zonnebloemen en maïs kunnen beschadigen. Het moge duidelijk zijn dat fruittelers de vogels liever zien gaan dan komen, omdat de soort een voorliefde heeft voor het consumeren van knoppen aan de bomen.

Verspreiding en aantallen
Rond 2020 waren volgens Sovon in Nederland naar schatting 2.000–2.300 broedparen, met overwinterende aantallen van zo’n 10.000–12.000 vogels rond 2015. Ze concentreren zich vooral in stedelijke gebieden, zoals de Randstad. In een rapport van de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) in 2011 wordt de soort als een exoot met invasiepotentieel beschouwd. Internationaal: in Europa werden in 2015 zo’n 85.000 halsbandparkieten geteld in tien landen. Grote populaties zijn te vinden in het Verenigd Koninkrijk, vooral rond Londen, en in Turkse steden zoals Istanbul, Ankara en Izmir, waar wetenschappelijk onderzoek wijst op een toenemende invasiedreiging.

Gevaar voor inheemse soorten en faunavervalsing
De halsbandparkiet wordt in veel landen beschouwd als een invasieve uitheemse soort. Hun flexibiliteit in nestlocaties en brede dieet maken hen uitermate aanpasbaar aan stedelijke omgevingen. Ondanks het feit dat ze holenbroeders zijn, lijkt de soort in Nederland niet substantieel te concurreren met andere holenbroeders zoals inheemse vogels en vleermuizen om nestholtes, maar verondersteld wordt dat een soort als de boomklever wel beïnvloed wordt in haar broedgedrag. In Spanje zijn meldingen van agressie bekend waarbij halsbandparkieten grotere vleermuizen verdringen of zelfs doden. Daarnaast kunnen ze door hun zaadconsumptie bijdragen aan de verspreiding van andere (soms invasieve) plantensoorten. Onderzoek laat zien dat lokale vogels hun voedsel zoekgedrag aanpassen in reactie op de aanwezigheid van halsbandparkieten.

Risicobeheer en beheersmaatregelen
Om de impact van deze invasieve soort te beperken, is onderzoek gedaan naar verschillende beheersmaatregelen. Een voorbeeld is roost-culling, waarbij vogels bij hun slaapplaatsen worden verwijderd of gedood. De NVWA heeft risicobeoordelingen opgesteld over verspreiding, schadepotentieel en groeisnelheid van de populatie. Lokale overheden en natuurbeschermingsorganisaties moeten afwegen wanneer en waar ingegrepen wordt, vooral in gebieden waar de vogels mogelijkerwijs toch een bedreiging kunnen vormen voor inheemse soorten of beroepsgroepen.

Toekomstperspectief
De populaties van halsbandparkieten blijven groeien. Onderzoek, onder andere in Turkije, laat zien dat veel gebieden voor de soort in de toekomst geschikt blijven of zelfs geschikter worden. Dankzij hun snelle voortplanting, aanpassing aan stedelijke omgevingen en flexibiliteit in voeding en nestgebruik is het aannemelijk dat hun aantallen in veel gebieden zullen toenemen. De halsbandparkiet is een kleurrijke, fascinerende vogel die tegelijk symbool staat voor de uitdagingen van faunavervalsing en stedelijke ecologie. Zijn aanwezigheid vraagt niet alleen bewondering, maar ook bewustzijn over de ecologische balans en het beheer van invasieve soorten.

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Advertenties