CDA februari 2026. Foto Anton Overklift
CDA februari 2026. Foto Anton Overklift Anton Overklift

In gesprek met het CDA

Politiek

In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen sprak de Wassenaarse Krant met drie vertegenwoordigers van het CDA in Wassenaar. Aan tafel zaten wethouder en lijsttrekker Wim Koetsier, kandidaat-raadslid Ingrid Toneman die als nummer twee op de lijst staat en Dymphna Vree als lijstduwer. Het werd een open gesprek over achtergronden, lessen uit de afgelopen bestuursperiode en de koers die het CDA voor het dorp voor ogen heeft. Steeds keerde dezelfde gedachte terug, namelijk dat politiek dichter bij de inwoners moet staan en dat de gemeenteraad behoefte heeft aan rust en samenwerking.

Door De Redactie

Het gesprek begon bij de mensen achter de partij. Ingrid Toneman vertelt dat haar loopbaan begon in het ondernemerschap en zich vervolgens ontwikkelde in onderwijs en zorg. Ze woont inmiddels tien jaar weer in Wassenaar. Na een vroege start als moeder besloot ze later alsnog te gaan studeren. Ze werd docent, groeide door tot schoolleider en specialiseerde zich in het begeleiden van kwetsbare kinderen. Tegenwoordig is zij directeur-bestuurder van een praktijkschool in Leiden, waar zij samen met haar team 250 leerlingen begeleidt. Ze spreekt met overtuiging over de waarde van onderwijs en over het belang van kansen voor jongeren die niet vanzelfsprekend hun weg vinden.

Wim Koetsier kijkt terug op drie jaar wethouderschap. Hij kwam uit het internationale bedrijfsleven en moest wennen aan de politieke dynamiek. In het bedrijfsleven draait veel om snelheid en duidelijke besluitvorming, terwijl in de politiek processen, inspraak en uiteenlopende belangen een grotere rol spelen. Volgens Koetsier is draagvlak minstens zo belangrijk als inhoudelijke gelijkheid. Je kunt overtuigd zijn van een oplossing, maar zonder steun kom je niet verder. Dat inzicht noemt hij een van zijn belangrijkste lessen.

Dymphna Vree brengt een achtergrond in de gezondheidszorg mee. Ze werkte jarenlang in een ziekenhuisomgeving en stapte later over naar bestuurlijke functies in Wassenaar. Ze was actief bij scholen, sportverenigingen en in adviescommissies. Voor haar is betrokkenheid bij de gemeenschap vanzelfsprekend. Besturen betekent volgens haar verantwoordelijkheid nemen, maar ook luisteren en verbinden.

Wanneer het gesprek verschuift naar de afgelopen raadsperiode, benadrukt Koetsier het belang van rolvastheid. Raad, college en ambtenaren moeten ieder hun eigen taak goed uitvoeren. Als die rollen door elkaar gaan lopen of doelen niet helder zijn geformuleerd, ontstaan misverstanden en vertraging. Volgens hem moet je bij de start van een bestuursperiode duidelijk vaststellen wat je samen wilt bereiken, zodat er minder ruis ontstaat wanneer beslissingen concreet worden.

Het onderwerp wonen kan daarbij niet ontbreken. Het CDA erkent dat betaalbare woningen noodzakelijk zijn om jongeren en gezinnen in het dorp te houden. Koetsier merkt op dat het begrip betaalbaar vaak verschillend wordt ingevuld. Gaat het om sociale huur, om starterswoningen of om betaalbare koop? Volgens hem moet daar duidelijkheid over bestaan om effectief beleid te kunnen voeren.

Valkenhorst is daarbij een belangrijk dossier. De geplande 5.600 woningen roepen uiteenlopende reacties op in Wassenaar. Koetsier kiest ervoor om vooral naar de kansen te kijken. Nieuwe inwoners brengen levendigheid, versterken sportverenigingen en zorgen voor extra klandizie bij lokale ondernemers. Tegelijkertijd erkent hij dat verkeer en drukte reële zorgen zijn. Hij wijst op de groene zone tussen Valkenhorst en Wassenaar en op de samenwerking met Katwijk om verkeersoplossingen te realiseren. Volgens hem moet het dorp realistisch zijn over groei en tegelijk actief sturen op kwaliteit.

Naast Valkenhorst ziet het CDA ook binnen het dorp mogelijkheden. Er wordt gesproken over wonen boven leegstaande bedrijfsruimtes en over locaties waar uitbreiding logisch kan worden ingepast. Daarbij gaat het niet alleen om aantallen, maar om doelgroepen. Starters, jongeren en mensen met een zorgvraag moeten in Wassenaar een plek kunnen vinden. Koetsier pleit voor meer samenhang in de dorpsvisie, zodat projecten niet los van elkaar worden beoordeeld. Hij schetst hoe je door slimme combinaties ruimte kunt creëren voor vergroening, waterberging en leefbaarheid.

Ingrid Toneman legt in het gesprek sterk de nadruk op jeugd en jongeren. Zij wil een structurele jongerenraad waarin jongeren al vanaf ongeveer tien of elf jaar betrokken worden bij lokale besluitvorming. Door jongeren vroeg mee te nemen in democratische processen vergroot je volgens haar het begrip voor politiek en geef je hen het gevoel dat ze serieus worden genomen. Ze ziet ook kansen om het onderwijsaanbod in het dorp breder te bekijken, zodat jongeren minder snel genoodzaakt zijn uit te wijken naar andere gemeenten.

De rol van buurthuizen komt eveneens uitgebreid aan bod. Volgens het CDA zijn ontmoetingsplekken essentieel voor sociale samenhang. Kerkhout krijgt een nieuw buurthuis en Den Deijl blijft bestaan, maar de behoefte aan laagdrempelige voorzieningen blijft groot. Vree wijst op de groei van sporten zoals rugby en basketbal in Kerkhout en ziet daarin een duidelijke vraag naar ruimte en ondersteuning. Koetsier benadrukt dat buurthuizen meer kunnen zijn dan ontmoetingsplekken alleen. In tijden van crisis kunnen zij ook een steunpunt vormen voor kwetsbare inwoners.

Dat brengt het gesprek bij veiligheid en weerbaarheid. Koetsier stelt dat de geopolitieke situatie is veranderd en dat ook gemeenten moeten nadenken over hun rol. Volgens hem gaat het niet om paniek, maar om voorbereiding. Je moet weten hoe je kwetsbare inwoners ondersteunt als er iets gebeurt en welke voorzieningen beschikbaar zijn. Hij pleit voor praktische plannen die samen met inwoners worden ontwikkeld.

Op het gebied van energie wil het CDA inzetten op meer zelfredzaamheid. Koetsier pleit voor buurtbatterijen zodat opgewekte energie in de wijk kan blijven. Ook wil hij een veel soepeler beleid voor zonnepanelen. Volgens hem worden initiatieven nu te vaak geremd door regels en vergunningen. Daarnaast moeten transformatorhuisjes zorgvuldig worden ingepast, bij voorkeur in overleg met omwonenden. Hij ziet daarin zelfs kansen om kunst en functionaliteit te combineren.

Kunst en cultuur vormen een opvallend positief onderdeel van het gesprek. Toneman benadrukt dat kunst mensen verbindt en generaties samenbrengt. Koetsier spreekt over het belang van zichtbare kunst in de openbare ruimte en over het benutten van bestaande locaties zoals de molen. Het idee dat Wassenaar zich sterker als cultureel dorp kan profileren spreekt hen aan, niet alleen om toerisme te bevorderen maar vooral om gemeenschapsgevoel te versterken.

Aan het einde van het gesprek komt de bestuurscultuur in de raad ter sprake. De interviewer merkt op dat hij bij meerdere partijen een duidelijke wens tot verbinding hoort. De CDA’ers herkennen dat beeld. Vree zegt dat politieke spelletjes het vertrouwen ondermijnen en dat samenwerken noodzakelijk is om vooruitgang te boeken. Koetsier spreekt over liefde voor het dorp en over dienend besturen. Je mag inhoudelijk scherp zijn, maar moet respectvol blijven naar elkaar.

Het CDA positioneert zich in dit gesprek als een betrokken en verantwoordelijke partij die zoekt naar praktische oplossingen. Woningbouw, jongerenparticipatie, energie, zorgvoorzieningen en cultuur worden niet als losse thema’s gezien, maar als onderdelen van een bredere visie op leefbaarheid. De centrale boodschap is dat Wassenaar alleen vooruitkomt wanneer partijen elkaar vinden op gedeelde doelen en wanneer bestuurders bereid zijn verantwoordelijkheid te nemen.

Met die inzet gaat het CDA de verkiezingen in. De grote dossiers zullen niet verdwijnen, maar volgens Koetsier, Toneman en Vree kan het dorp ze wel met meer rust en samenwerking aanpakken. Hun hoop is dat de komende raadsperiode niet alleen draait om besluiten, maar ook om herstel van vertrouwen in de lokale politiek.

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Advertenties