
GroenLinks en PvdA samen de verkiezingen in
AlgemeenIn aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026 spraken we met Sonja Hibbert (GroenLinks) en Henri van Smirren (PvdA). Het gesprek ging over het samengaan van beide partijen, hun manier van samenwerken, hun persoonlijke drijfveren en de thema’s die zij belangrijk vinden voor Wassenaar. Dit artikel wil vooral informeren en introduceren: wie zijn zij, waar staan ze voor en hoe kijken ze naar de toekomst van het dorp?
Door De Redactie
Volgens Sonja Hibbert is het samengaan vooral logisch. GroenLinks en PvdA zijn in Wassenaar lang gevestigde, maar tot nu toe relatief kleine partijen; samen hebben ze meer slagkracht en vormen ze een sterker team. Bovendien groeien de partijen lokaal al langer naar elkaar toe en zijn ze landelijk, medio dit jaar, één partij, met een nieuwe naam, ook in de gemeenteraad. Henri van Smirren sluit zich daarbij aan. Naast de landelijke ontwikkeling noemt hij de inhoudelijke overlap als belangrijke reden. Veel standpunten liggen dicht bij elkaar. Tegelijk erkent hij dat beide partijen hun eigen cultuur en werkwijze hebben. Dat vraagt om het vinden van een nieuwe balans.
Dat dit proces ontspannen verloopt, blijkt uit een luchtig moment in het gesprek: het enige ‘conflict’ tot nu toe ging over de vraag of bij de eerste gezamenlijke Algemene ledenvergadering de bitterballen vegetarisch moesten zijn. “Als dit de problemen zijn,” concludeert Henri, “dan komt het wel goed.”
Henri schetst de klassieke accenten: de PvdA legt traditioneel de nadruk op woningbouw, gelijke kansen en gelijkwaardigheid en heeft van huis uit een meer bestuurlijke insteek, ze wil aan bestuur deelnemen en is eerder bereid om water bij de wijn te doen. GroenLinks wordt vaker gezien als activistischer en principiëler, met focus op milieu, leefomgeving en duurzaamheid. Juist die combinatie ziet hij als meerwaarde: “het beste van twee werelden. We houden elkaar scherp” Sonja benadrukt dat maatschappelijke opgaven steeds complexer worden en zich niet meer laten vangen in één kleur. Door samen te werken bundelen de partijen kennis, ervaring en stijl, wat helpt om tot oplossingen te komen die zowel sociaal als toekomstbestendig zijn.
Over verschillen blijft de toon licht. Er wordt gegrapt over wie de meeste koffie aan kan, maar er zit ook een serieuze kant aan. Henri waardeert de kritische houding van de GroenLinks-fractie, in de afgelopen periode omdat die helpt plannen scherper te maken. Sonja herkent dat beeld en benadrukt dat kritiek voor haar geen doel is, maar een middel om de inhoud te verbeteren. Ze beschrijft politiek als een proces van ‘divergeren en convergeren’: soms ben je het fundamenteel oneens, soms stem je tegen, maar het doel blijft om samen vooruit te komen als er echte verbeteringen worden bereikt.
Henri van Smirren is jurist, geboren in Leiden, opgegroeid in Wassenaar en er zijn hele leven gebleven. Hij is actief geweest in de plaatselijke sport, onder meer als voorzitter van de handbalvereniging, en was langdurig bestuurlijk betrokken bij het jongerenwerk. Die achtergrond maakt dat hij Wassenaar goed kent, niet alleen politiek, maar ook vanuit het verenigingsleven.
Zijn keuze voor de PvdA komt voort uit zijn ervaring met kansenongelijkheid. Hij zag hoe kinderen meer meekrijgen van huis uit: taal, netwerk en zelfvertrouwen. Dat besef, dat niet iedereen met dezelfde kansen start, vormt zijn belangrijkste politieke drijfveer. Hij zet zich in voor eerlijke kansen voor kinderen en het doorbreken van achterstanden, geïnspireerd door sociaal-democratische idealen zoals de spreiding van kennis, macht en inkomen. Sinds zijn achttiende is hij lid van de PvdA. Henri staat bekend om zijn grondige voorbereiding. In de afgelopen raadsperiode werkte hij met een vaste kern van ervaren oud politici binnen de afdeling, die feedback gaf op inhoud en toon. In een krappe raadsverhouding voelde hij een grote verantwoordelijkheid: zelfs uitval door ziekte kon grote politieke gevolgen hebben. Dat verklaart waarom hij bewust tegenspraak organiseert en zijn dossiers zorgvuldig voorbereidt.
Sonja Hibbert heeft een brede achtergrond: ze is jurist, psycholoog, filosoof en heeft daarnaast een MBA. Ze noemt zichzelf “een beetje van alles”, gedreven door brede interesse. Politiek is voor haar belangrijk én leuk; ze noemt het zelfs haar ‘rare hobby’, die ze enorm zou missen als ze ermee zou stoppen. Haar stijl is inhoudelijk en kritisch, maar nadrukkelijk constructief. Ze zoekt naar verbeteringen en beweegt mee als er voldoende vooruitgang wordt geboekt. Als iets te fundamenteel schuurt, kan een tegenstem nodig zijn, niet om te blokkeren, maar omdat je ergens niet achter kunt staan. Een concreet voorstel dat Sonja naar voren brengt is de Paauwpas een brede dorpspas (of app) voor iedereen. Inwoners en eventueel bezoekers, kunnen hiermee gebruikmaken van acties, kortingen en gemeentelijke regelingen.
Het idee heeft twee doelen. Sociaal gezien kunnen tegemoetkomingen voor bijvoorbeeld sport, zwemlessen of minimaregelingen via de pas worden geregeld, net als waardering voor mantelzorgers en vrijwilligers. Economisch stimuleert de pas lokaal kopen, doordat ondernemers meedoen met kortingsacties en het dorpsleven wordt versterkt. Sonja verwijst naar de Dordtpas in Dordrecht, de meest brede pas in Nederland, waar een professionele uitvoeringsorganisatie achter zit, die dit concept voor meerdere gemeenten uitvoert. Ook Wassenaar kan zich bij dit succesvolle concept aansluiten en zo meerwaarde creëren voor inwoners, bezoekers en ondernemers en verenigingen. De Paauwpas past volgens haar in een bredere maatschappelijke context van stille armoede en stille eenzaamheid. Het instrument verlaagt drempels om mee te doen en elkaar te ontmoeten. Henri benadrukt daarbij het belang van waardigheid: omdat de pas voor iedereen is en iedereen van voordelen en acties geniet, verdwijnt het stigma van een minimavoorziening.
Woningbouw is een centraal thema in het gesprek, met speciale aandacht voor starters en senioren. Tegelijk willen beide partijen groen, leefbaarheid en voorzieningen behouden. Sonja pleit voor creativiteit; niet alleen nieuwbouw, maar ook slimmer gebruik van bestaande bebouwing. Ze noemt leegstandsaanpak, het splitsen van woningen, optoppen en het herbestemmen van kantoren. Daarbij benadrukt ze dat woningbouw niet los kan worden gezien van randvoorwaarden zoals drinkwater, netcapaciteit en een gezonde groene leefomgeving.
Henri wijst op verschillende locaties en ontwikkelingen die samen al veel woningen kunnen opleveren, zonder de groene zoom aan te tasten. Hij erkent dat bouwen in Wassenaar vaak stroperig verloopt door bezwaar- en beroepsprocedures, waardoor projecten soms pas na acht tot tien jaar gerealiseerd worden.
Beiden benadrukken het belang van doorstroming. Goede seniorenwoningen, dichtbij voorzieningen, kunnen verhuisketens op gang brengen, wat ook jongeren en gezinnen helpt. Henri pleit daarnaast voor gemengde wijken, met een balans tussen sociale huur, middenhuur en koop en een mix van jong en oud.
Ook de gemeentelijke uitvoering komt aan bod. Sonja vertelt dat GroenLinks en PvdA de afgelopen jaren hebben ingezet op minder inhuur en meer vaste capaciteit. Inhuur is duur en ondermijnt continuïteit; het beleid om dit terug te dringen begint volgens haar nu effect te krijgen. Henri vult aan dat werken in een kleine gemeente aantrekkelijk kan zijn vanwege de brede ervaring, maar dat medewerkers makkelijk overstappen naar grotere gemeenten met meer doorgroeimogelijkheden. Waardering, goede arbeidsvoorwaarden en een stabiele politieke omgeving zijn cruciaal om mensen te behouden.
De gezamenlijke kandidatenlijst telt 21 mensen en is om en om geritst: GroenLinks en PvdA wisselen elkaar af tot en met nummer 21. De top zes bestaat uit Sonja Hibbert, Henri van Smirren, Suzan Tirion-van der Goes, Roy Pillen, Marcel Kleizen en Marvin van der Nat. Daarnaast staan zowel jonge talenten als ervaren personen op de lijst, waaronder Jan van Noort en Antoon Claassen. Volgens Henri is het een sterke mix van ervaring en vernieuwing, die zorgt voor energie en slagkracht.
Zonder campagnepraat willen Sonja en Henri vooral dit meegeven. Henri vat het samen als sociaal en daadkrachtig, met realistische plannen die ook uitgevoerd kunnen worden. Sonja voegt daar het groene perspectief aan toe en benadrukt dat politiek niet alleen over grote dossiers gaat, maar ook over het dagelijks leven in het dorp.
Beiden hechten eraan dat de samenwerking een positieve uitstraling heeft: denken in mogelijkheden en laten zien dat groen en rood elkaar niet bijten, maar juist versterken.
Het gesprek schetst een samenwerking die lokaal pragmatisch is ingestoken, inhoudelijk dichtbij elkaar ligt en ruimte laat voor verschillen in accent en stijl. Met persoonlijke verhalen én concrete plannen willen Sonja Hibbert en Henri van Smirren bijdragen aan een sociaal en toekomstbestendig Wassenaar. En misschien zegt dat bitterballenmomentje genoeg: samenwerken vraagt soms om onderhandelen, maar het helpt als je er samen om kunt lachen.








