
Droom van oud-commandant Valkenburg werd door sluiting vliegveld nachtmerrie
AlgemeenDe droom van Erik Kopp om net als zijn vader commandant van het Marinevliegkamp Valkenburg te worden, werd in mei 2002 werkelijkheid. Een jaar later vernam hij van bevelhebber Klaver van de Zeestrijdkrachten, zeg maar de hoogste baas van de marine, dat de admiraliteit het advies had gegeven om Valkenburg te sluiten en de daar gestationeerde Orions af te stoten. “Ik was blij dat ik zat”, aldus Kopp, vorige week woensdag in een stampvolle kerkzaal van het NPB-gebouw tijdens een zeer persoonlijk getinte lezing over de geschiedenis van het marinevliegkamp. Zijn droom was naar eigen zeggen veranderd in een “nachtmerrie”.
Door Jos Knijnenburg
De lezing van Erik Kopp onder auspiciën van de Historische Vereniging Oud Wassenaer was om meer dan één reden bijzonder. We leven in een bijzonder momentum. De geschiedenis van het Marinevliegkamp Valkenburg is zolang er nog geen muurtje van de nieuwe woonwijk Valkenhorst is gemetseld, ter plaatse nog overal te zien en volop beleefbaar. Miljoenen mensen bezochten het voormalige vliegveld om de musical Soldaat van Oranje in een verbouwde hangaar te bekijken.
In deze tijd van een hernieuwde Koude Oorlog, waarbij de krijgsmacht dagelijks groot in het nieuws is en via het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie naarstig wordt gezocht naar uitbreidingsmogelijkheden om miljarden in personeel en materieel te kunnen investeren, ligt er een oud vliegveld midden in de Randstad te wachten op andere tijden. Die komen er, maar niet meer in die bijzondere hoedanigheid als marinevliegkamp. Kopp maakte direct aan het begin van zijn lezing duidelijk met een persoonlijk verhaal naar Wassenaar te zijn gekomen. Vice-admiraal buiten dienst, zeker, maar ook een vader en grootvader die na zijn afzwaaien op 57-jarige leeftijd geen zin had om het bedrijfsleven in te gaan. Bijna 10 jaar geleden stond hij op de foto in deze krant in een totaal andere hoedanigheid.
Na twee jaar theorie en praktijklessen mocht hij zich molenaar noemen en werd actief in Leiderdorp maar ook in Wassenaar. “Er is een deur voor me open gegaan”. Dat laatste gold in zekere zin natuurlijk ook tijdens zijn commandovoering op Valkenburg. Voor de pauze nam Erik Kopp zijn gehoor in strak tempo mee door de geschiedenis van het Marinevliegkamp Valkenburg. “Ik ben geen historicus”, merkte hij op maar vergat te vermelden dat mede op zijn initiatief aan de vooravond van de ontmanteling van het vliegveld, de geschiedenis van het marinevliegkamp door het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) werd onderzocht en beschreven in het boek ‘Terg mij niet’. Veel van de getoonde beelden die Kopp ter ondersteuning van zijn verhaal gebruikte, zijn terug te vinden in dat werk (zie foto).
Maar het waren vooral de persoonlijke toevoegingen van de oud-commandant die zijn betoog kruidig maakte. Wat te denken van de Britten die direct na de oorlog Valkenburg weer inzetbaar moesten maken en per vliegtuig regelden dat men er elke dag een verse Engelse krant kon lezen. Groeide Valkenburg in haar hoogtijdagen uit tot een basis als een dorp met talloze voorzieningen en met heel veel (100 stuks) vliegtuigen en 1.500 man personeel, de echte professionalisering vond plaats met de primaire taak voor onderzeebootbestrijding toen er grotere vliegtuigen kwamen zoals de Neptune van Lockeed. Kopp genoot in meerdere betekenissen van het woord van zijn training als navigator op dat toestel. Met dank aan ‘deugniet’ prins Bernard koos men als opvolger voor de Europese Brequet Atlantic. Drie van de negen gingen er verloren.
Met de komst van de Lockeed Orion stapte men op Valkenburg “van een oude auto in een Formule 1 wagen”, aldus Kopp. Na de val van de muur keert het tij. De onderzeebootbestrijding maakt plaats voor andere taken zoals vredesoperaties en de ‘War on drugs’, waarvoor Orions elders worden gestationeerd. Maar is een groot vliegveld als Valkenburg daarvoor nodig? Kopp bouwt de spanningsboog in zijn verhaal op en na de pauze schetst hij het veranderende sentiment over Valkenburg vanuit een uniek perspectief, namelijk als commandant. Enkele maanden na zijn aantreden in 2002 gaat hij op de koffie bij de hoogste baas van de luchtmacht, generaal Berlijn. “Bereid je voor op bezuinigingen”, krijgt Kopp te horen.
Valkenburg is ook regeringsvliegveld, maar is dat een taak voor Defensie of voor Algemene Zaken? Kopp formeert een team dat een alternatief voor Valkenburg bedenkt, moet zijn manschappen gemotiveerd houden maar krijgt er ook een politieke taak bij in de vorm van lobbyen. Tevergeefs, in april 2004 hakt de Tweede Kamer de knoop door: Valkenburg gaat dicht. Met die zekerheid volgt een nieuwe fase. Er gaan Orions naar Duitsland maar vooral het trainen van Duitsers op ‘zijn’ vliegtuigen valt Kopp zwaar. Hij heeft echter veel minder moeite om voor herplaatsing van zijn boventallige manschappen “buiten de lijntjes” van Den Haag te kleuren. Tijdens de allerlaatste ‘alle hens’ op Valkenburg op 12 december 2006 voor de 70 mannen en vrouwen die er dan nog werken, houdt Kopp het tijdens zijn toespraak niet droog. De gestreken vlag wordt door hem in een kistje het terrein afgedragen.








