
Dit doe ik voor een ander: Interview Vrijwilligers COA
AchtergrondDoor Loes Rietvelt
Heleen Ceha en Martinette Bemelmans kennen elkaar al sinds de basisschooltijd van hun kinderen. Wat begon als een vriendschap, groeide uit tot gezamenlijk vrijwilligerswerk bij het COA. Samen staan zij eenmaal per week voor de klas. Daarnaast geeft Martinette nog een middag alleen les. Ze geven Nederlandse les aan vrouwen die op een nieuw punt in hun leven staan en die graag de grondbeginselen van de Nederlandse taal leren. In dit interview geven zij een inkijkje in het vrijwilligerswerk dat zij met veel liefde doen.
De beweegredenen om vrijwilligerswerk te doen bij het COA verschillen niet. Heleen vertelt: “Na mijn pensionering zocht ik vrijwilligerswerk om een bijdrage aan de maatschappij te leveren. Iets zinvols, iets om mensen te helpen. Inmiddels doe ik dit werk een half jaar. Ik zie hoe enthousiast de ‘leerlingen’ zijn, maar ook hoe graag ze iets terug willen geven. We worden regelmatig uitgenodigd om bij hen te komen eten. Hun inzet en enthousiasme zijn hartverwarmend”.
Ook Martinette ging met pensioen. “Tijdens Koningsdag bezocht ik een van de kraampjes waar vrijwilligerswerk werd aangeboden. Daar kwam ik in contact met een coördinator van het COA. We maakten een afspraak en in twee uur tijd legde hij niet alleen alles uit, maar liet hij ook zien hoe mooi en zinvol het is om je voor het COA in te zetten. Mijn reactie was kort en bondig: zeg maar wat ik kan doen. Niet veel later stond ik voor mijn eigen groep.”
Een groep bestaat uit ongeveer tien vrouwen, van wie het merendeel alleen Arabisch spreekt. Er wordt gewerkt met een lesboek basaal Nederlands. Martinette: “We wijken er soms van af en passen we de lesstof aan. Dan vragen we bijvoorbeeld hoe het weekend was. Ze vertellen dan, nog wat haperend, over een familiebezoek, of een bezoek aan de markt. Dat is ontzettend knap als je nog maar zo kort Nederlandse les hebt.”
Tijdens de les wordt uitsluitend Nederlands gesproken. Eén van de vrouwen, die al langer in het AZC woont en de Nederlandse taal al beheerst, helpt als het nodig is met het tolken. “Wat het extra moeilijk maakt,” vervolgt Martinette, “is dat het Arabische schrift zo anders is dan het onze. Letters zijn onbekend en bovendien lezen wij van links naar rechts. Toch zie je dat de vrouwen snel vorderingen maken en hun huiswerk trouw doen.” Huiswerk bestaat soms uit praktische opdrachten. “Zo hebben we een keer gevraagd een recept in het Nederlands te schrijven. Het resultaat was geweldig.”
Heleen vindt het bijzonder wanneer er door de leerlingen wordt doorgevraagd over bepaalde onderwerpen. “Dat is voor ons een mooie manier om iets over onze cultuur te vertellen. Samenwonen in plaats van trouwen is daar een goed voorbeeld van.” Ook Martinette geniet daarvan. “Dan denk ik: leuk, ze willen meer weten. Soms vragen ze naar regels die voor ons vanzelfsprekend zijn, zoals waarom een ‘c’ de ene keer klinkt als een ‘k’ en de andere keer als een ‘s’. Dan staan wij zelf ook weleens met een mond vol tanden. ‘Zo is het nu eenmaal’ voldoet dan eigenlijk niet.”
Wat het werk extra leuk maakt, is de diversiteit binnen de groep. “De een heeft nauwelijks scholing gehad, de ander universitair onderwijs,” vertelt Heleen. “Iemand die nooit naar school is geweest en nu in het Nederlands woorden kan schrijven – ik vind dat zo knap. Of iemand correct begroeten in het Nederlands, al blijft dat soms lastig. Ik heb enorme bewondering voor hoe snel ze alles oppakken.”
Veel van deze vrouwen doen zelf ook vrijwilligerswerk. Ze helpen bijvoorbeeld in een verzorgingstehuis, sorteren kleding in het Van Heeckerenhuis of bereiden hapjes voor bijeenkomsten in het gemeentehuis. “In een piepkleine keuken maakten ze in drie dagen honderden hapjes voor vijfhonderd mensen,” vertelt Heleen enthousiast.
Martinette en Heleen gaan daarnaast wekelijks mee naar zwemles. “Voordat we begonnen”, vertelt Martinette, “hebben we eerst een les besteed aan hoe het zwembad eruitziet, met lockers en douches, en wat je aantrekt tijdens het zwemmen. Het is prachtig om te zien hoe snel ze vooruitgaan. De vrouwen konden eerst niet drijven of zwemmen, en nu kan een aantal dat al behoorlijk”.
Heleen en Martinette halen veel voldoening uit hun vrijwilligerswerk. “Je kunt elkaar al blij maken met iets kleins,” zegt Heleen. “Ik krijg er energie van en haal er enorm veel plezier uit, zegt Martinette. “Ik wil graag dat de wereld goed is, en deze vrouwen kunnen jou ook zoveel leren.: Het doet je wat om te zien hoe mensen helemaal vanaf nul moeten beginnen. Er wordt zo snel geoordeeld, maar ik zou iedereen willen aanraden zich eens te verdiepen in hoe het is om vluchteling te zijn en soms twee of zelfs drie jaar in een AZC te moeten leven.”
Wilt u een kijkje nemen in het AZC of zelf een bijdrage leveren? Kom dan vooral naar de open dag op 7 februari aanstaande.
Wat Heleen en Martinette vooral laten zien, is dat je met tijd, aandacht en een open blik voor een ander, iets voor de ander kan betekenen.








