Afbeelding
Foto:

Kleurrijk biografisch portret oud-burgemeester in driedelig grijs Molly Geertsema (1918 -1991)

Algemeen

Schrijver en sociaal geograaf Klaas Tammes (1948) is verzot op markante burgemeesters. Hij schreef een boek over VVD-icoon Willem Jacob (Molly) Geertsema (1918- 1991), die in de periode 1961 – 1971 burgemeester van Wassenaar was. Een volstrekt autonome, karakteristieke persoonlijkheid die als bestuurder op alle niveaus van het openbaar bestuur actief is geweest en een bepalende rol speelde. Geertsema was gemeenteraadslid (in Leiden en Den Haag), burgemeester (in Warffum en Wassenaar), commissaris van de Koningin in Gelderland, lid van de Eerste en Tweede Kamer, VVD-fractievoorzitter, politiek leider, minister van Binnenlandse Zaken en vicepremier. Thans de eerste burgemeester van Wassenaar met een eigen biografie al spreekt de schrijver zelf van een ‘biografisch portret’.

Door Jos Knijnenburg

Molly Geertsema combineerde het burgemeesterschap van Wassenaar (1961 -1971) met het Kamerlidmaatschap (1959 -1971) en pendelde veelvuldig tussen Raadhuis De Paauw en het Binnenhof. Vaak is gezegd dat Geertsema Wassenaar ’s nachts bestuurde. Overdag was hij op het Binnenhof en niet zelden brandde er dan nog tot diep in de nacht licht in de burgemeesterskamer op het raadhuis. De volgende ochtend lagen er dan allerlei briefjes op de bureaus van ambtenaren met daarop vragen en opmerkingen over stukken die hij die nacht had doorgenomen. “We reageerden daar dan ook weer schriftelijk op”, zegt Ekko Krol die als jong ambtenaar Geertsema heeft meegemaakt. 

Later als fractievoorzitter, minister en commissaris van de Koningin hanteerde hij dezelfde methode, zo schrijft Tammes in het boek. Bij zijn stelling dat Geertsema maar heel weinig slaap nodig had moeten we onwillekeurig denken aan Ton Bakker (1924 -2019) van de roemruchte bar-dancing aan Den Deijl die een groot deel van zijn bekendheid dankte aan een nachtvergunning, waardoor de zaak tot 04.00 uur open was. Bakker had die vergunning hoogstpersoonlijk losgepeuterd van burgemeester Geertsema die zelf graag graag een biertje kwam drinken. De burgemeester, als voorzitter van de gemeenteraad graag in jacquet maar normaliter steevast gekleed in een keurig pak met vest, vrijetijdskleding had de liberaal niet, deed gewoon mee met de ambtelijke tafeltenniscompetitie in De Paauw waarbij wel het jasje uitging, maar niet het vest. 

Na zijn aanstelling in Wassenaar is Geertsema twee jaar in Den Haag blijven wonen omdat hij geen geschikte woning in het dorp kon vinden. De gemeente beschikte toen nog niet over een ambtswoning. Uiteindelijke landde de liberaal in een huis aan de Konijnenlaan 47. Geen armlastige buurt maar wel het enige huis dat niet met indrukwekkend hekwerk van de straat was afgescheiden. “Daar werd in Wassenaar over gesproken”. Het verhaal ging dat hij dat bewust niet deed. Dat paste bij hem. Molly Geertsema kon met beide helften van Wassenaar (Noord en Zuid) goed opschieten, maar met Noord beter, schrijft Klaas Tammes. ”In Zuid verwachtte men vaak dat de burgemeester het wel even voor ze zou regelen. En dat gebeurde dan niet!” Een gemeente als Wassenaar besturen zonder dat er af en toe wat opschudding ontstaat, bestaat niet. Ook tijdens het pontificaat van Molly Geertsema haalde het raadsrumoer in Raadhuis De Paauw de nationale pers. Zoals het voornemen (in 1963) van het gemeentebestuur om het toezicht op illegaal bouwen te verscherpen door luchtverkenningen uit te voeren. 

De liberale bevolking voelde zich “in de nek gekeken”, aldus het boek. In 1965 waren de rapen gaar toen Geertsema ging bemiddelen bij een lucratieve grondruil tussen de grondontwikkelaar EMS van Reinder Zwolsman en een aantal particuliere instellingen. Geertsema zou de wethouders te weinig hebben betrokken bij de onderhandelingen en kreeg een “motie van teleurstelling en spijt” aan de pantalon die onverhoopt tot het aftreden van de wethouders leidde. In 1967 ontstond commotie toen de burgemeester weigerde om de PvdA-verkiezingskaravaan met geluidwagens propaganda in Wassenaar te maken. “Men is in Wassenaar voor zijn rust”. 

Van burgemeester Geertsema was bekend dat hij er zeer aan hechtte om het bijzondere karakter van het dorp in stand te houden. “Geen bijl in levend hout zonder vergunning”, aldus Tammes. Toen hij een ambassadeur die enkele bomen in zijn tuin wilde vellen op het kapverbod in Wassenaar wees, reageerde deze met “Dit is grondgebied van mijn land. In mijn land kennen we geen kapverbod”. Hierop zei Geertsema: “Goed excellentie, maar wij hebben dan ook niet de plicht om water en elektriciteit te leveren aan een vreemde mogendheid. Als u doorgaat met kappen, sluiten wij uw licht en water af”. 

In het boek uitgebreid aandacht voor de bezetting van de residentie van de Indonesische ambassadeur in Wassenaar op 31 augustus 1970 en de rol die Geertsema die dag speelde. Bij zijn afscheid gaf Geertsema, erevoorzitter van Carnavalsvereniging De Deijlknotsen, aan dat hij lang had geaarzeld om het burgemeesterschap “waarvan hij elke dag en elk uur had genoten”, neer te leggen. Volgens Tammes werd Molly Geertsema in Wassenaar dermate op handen gedragen dat hij voor zijn opvolger mr. Karel Staab “een bijna overal aanwezige schaduw” was. Na een indrukwekkende loopbaan keerde hij terug in Wassenaar waar hij in 1991 overleed.

Uit de krant