Klorkestein was een anagram van Klein Orkest, de band van zanger Harrie Jekkers. In Wassenaar, een favoriete hang-out voor de door Philip Walke veelvuldig beschreven en bezongen kakker, deed Van Bruinhoudt ruim 40 jaar geleden natuurlijk niet aan dergelijke woordspelletjes.
Klorkestein was een anagram van Klein Orkest, de band van zanger Harrie Jekkers. In Wassenaar, een favoriete hang-out voor de door Philip Walke veelvuldig beschreven en bezongen kakker, deed Van Bruinhoudt ruim 40 jaar geleden natuurlijk niet aan dergelijke woordspelletjes.

Wassenaarse kakker scoorde al een hit ver voordat Philip Walkate de soort cultiveerde

Historie

Philip Walkate, de schrijver en cabaretier die al jarenlang op papier en digitaal alle kakkers op onnavolgbare wijze te kakken zet, is morgenmiddag 19 juli tussen 14.00 en 16 uur te gast in het enige Landgoed aan Zee dat Nederland kent, Wassenaar dus. Plaats van handeling is Boekhandel De Kler waar Walkate zijn nieuwe kinderboek ‘Op reis met Kakker’ komt signeren. Natuurlijk zijn de delen 1 en 2 van zijn Kakkertrilogie, ‘De wereld van Kakker’ en ‘De avonturen van Kakker’ ook nog verkrijgbaar. Philip Walkate, de zus van Saskia Ettema-Walkate die als CDA-raadslid vorig jaar tussentijds afscheid nam van de Wassenaarse politiek, heeft met zijn werk dat opmerkelijk goed aanslaat in enclaves als het Gooi, Aerdenhout-Bloemendaal en Wassenaar, het begrip kakker een universele boost gegeven en niet belachelijk maar belachbaar gemaakt.

Door Jos Knijnenburg

De door Lucy Keijser vrolijk geïllustreerde kakkerreeks van Philip Walkate, geschikt voor iedereen tot ver boven de 100 die van lezen en lachen houdt, is een hit in de boekhandel. Al was het maar omdat menig kakker ook graag even met creditcard wappert om een aantal extra exemplaren in te slaan. Altijd leuk voor jaargenoten, relaties en het eigen huispersoneel.

Op het internet doen liedjes zoals het Kakkerlied, waarin Walkate de kakker in vele toonsoorten bezingt, het ook goed. En zoals schrijver en boekenwurm Maarten ’t Hart al jarenlang op de site van Boekhandel De Kler in korte video’s vanuit zijn woning in Warmond de nieuwste boeken recenseert, heeft Philip Walkate al menig filmpje op YouTube gezet waarin hij voorleest uit eigen werk. Waarbij de kijker steeds weer een nieuwe dimensie van de kakker en zijn habitat kan ervaren.

Via het internet worden ook drinkbare vloeistoffen aangeboden zoals het Kakkerbier, waar een echte kakker wel pap van lust, mits een zeker alcoholpromillage is gewaarborgd. Alleen te nuttigen als de 5 in de klok staat, dus het kan ook al om 10.35 uur. Als het morgenmiddag qua weer een beetje aangenaam is, kan de kakker na de signeersessie op een terrasje in de Langstaat terecht. Zelfs al zijn straat of plein in het centrum nog gedeeltelijk opengebroken, is het achter een koele kelk chablis nog wel even uit te houden.

Ver voordat Philip Walkate zijn eigen licht op de kakker liet schijnen, scoorde een andere Wassenaarse kakker al een hit als vertegenwoordiger van de soort. Als reactie op het succesnummer van Harrie Klorkestein, het alter ego van Harrie Jekkers, ‘Oh Oh Den Haag’ (Mooie stad achter de duinen) dat uitgroeide tot het volkslied van de Residentie, ontstond er in 1982 vanuit die ene noordelijke randgemeente een tegengolf, de zogeheten “Sjieke Haagse Welle”.

De ultieme exponent daarvan was een echte kakker, jonckheer Berend Jan van Bruinhoudt. Onder de titel ‘Mooi ’s-Gravenhage’ bezong hij de Hofstad. Het hoesje van de single liet er weinig twijfel over bestaan waar hij resideerde. We zien de adellijke kakker in een weinig aan de verbeelding overlatende outfit wijzen naar Kasteel Oud Wassenaer met daarvoor een nonchalant geparkeerde Landrover. Een mieterse automobiel en altijd handig op een “errrrrrrug” uitgestrekt landgoed met zandpaden.

Een strofe in het refrein van het liedje, een productie van de broers Rob en Ferdi Bolland, vormt een eerste verwijzing naar de geografische herkomst van deze kakker: ‘Oh mijn mooi ’s-Gravenhage/Vorstelijke stad/Zo dichtbij Wassenaer’. De ultieme bevestiging dat we hier niet met een Benoordenhouter of een inwoner van het Statenkwartier te maken hebben blijkt uit de zinsnede: ‘Ik hoef niet ver met mijn chauffeur/’s-Gravenhage ligt voor de deur’.

Helaas, het zijn begin jaren tachtig zelfs in Zuid moeilijke tijden waar ook Berend Jan van Bruinhoudt niet aan ontkomt. Dat blijkt uit het einde van dit op muziek gezette literaire pareltje. ’Nou amice/Ik ga nog niet naar huis want de FiOD ligt bij me thuis/Ik krijg een aanslag van een ton en ik wou dat ik dat met dit plaatje verdienen kon’.

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Advertenties