
Sportvisie Wassenaar 2025 -2035 biedt handvaten voor een fit en gezond dorp
SportDe timing is opmerkelijk. Vijf dagen na de feestelijke opening van de nieuwe sporthal staat de sportieve toekomst van Wassenaar nadrukkelijk op de agenda van de raadscommissie Mens & Maatschappij. Op donderdag 23 mei ligt er een startnotitie op de vergadertafel in De Paauw die het startpunt vormt voor de op te stellen Sportvisie Wassenaar 2025-2035 met de ondertitel “Fit & sterk Wassenaar: bouwen aan een sportieve toekomst”. Sport vormt veel meer dan alleen een bijdrage aan de fysieke en geestelijke gezondheid. “Sport verbindt, verbroedert en draagt eraan bij dat Wassenaar een fijne gemeente is”, zo schrijft het college in de startnotitie.
Door Jos Knijnenburg
De gemeente windt er geen doekjes om. De sport is volop in ontwikkeling en staat voor grote maatschappelijke opgaven. Er zijn een aantal vraagstukken die maken dat een gemeentelijke visie op de sportieve toekomst van het dorp een must is. Zo staat de georganiseerde sport en daarmee hebben we het over sportverenigingen, onder druk. Verenigingen hebben de afgelopen drie jaar te maken gehad met de gevolgen van corona en de hoge energielasten. Door de pandemie en de daarmee samenhangende sluitingen, daalden de kantine-inkomsten. Sponsoren haakten af en inwoners zochten naar alternatieve beweegvormen.
Met name bij de binnensport en zwemsport is een afname van leden te zien. Ledenwerving en het vinden en behouden van voldoende vrijwilligers vormt een uitdaging voor verenigingen. Door de stijgende energielasten moeten verenigingen maatregelen nemen om hun begroting sluitend te kunnen houden. De betaalbaarheid van sport en de vitaliteit van meerdere verenigingen staat onder druk, zo signaleert het Wassenaars Sport Contact. Een andere belangrijke reden die vraagt om een visie op een sportief dorp is dat een grote groep inwoners te weinig beweegt dan wel is afgehaakt.
Onderzoek uit 2022 toonde aan dat de helft van alle Wassenaarders te weinig beweegt. Daarnaast is er sprake van een sterke afname van lidmaatschappen bij sportverenigingen bij de jeugd. Veel 13 tot 18-jarigen stoppen met sporten in clubverband vanwege andere hobby’s, tijdgebrek of omdat ze de vaste trainingstijden lastig vinden. Tijdgebrek vormt voor veel 19 tot 44-jarigen een belangrijke drempel om wekelijks te sporten. Hoewel bij de stukken ook een fleurig document over sport in Wassenaar is ingesloten waarin het hoge gemiddelde inkomen van de dorpsbewoners staat vermeld, blijken er wel degelijk ook in Wassenaar volwassen inwoners te zijn “met te weinig financiële middelen om aan sport te doen”, zo schrijft het college. Een ander belangrijk punt betreft het sociaal aspect van sportbeoefening. Sport brengt mensen niet alleen bij elkaar, het levert ook vriendschappen op en het draagt bij aan de ontwikkeling van een teamgeest.
Een leuke bijvangst is dat sport voor veel jongeren en jongvolwassenen een eerste kennismaking vormt met vrijwilligerswerk, waar je niet alleen veel van kunt leren maar ook iets kunt terugdoen voor de samenleving. Hoewel Wassenaar er in landelijk opzicht wat gunstiger uitspringt, blijkt uit recent GGD-onderzoek dat 46,2% van alle Wassenaarders kampt met vorm van overgewicht en het percentage neemt toe naarmate de leeftijd vordert. Een ander punt van zorg is de toekomstbestendigheid van sportvoorzieningen. Het gemeentelijke Sterrenbad en de nieuwe sporthal (jawel daar is ie) worden bestempeld als “mooie sportvoorzieningen”. Er zijn echter ook sportaccommodaties en gebouwen eigendom van sportverenigingen waarbij “een maatschappelijke opgave” zoals verduurzaming speelt.
Voor de oude sporthal De Schulpwei aan de Dr. Mansveltkade wordt een verkenning uitgevoerd wat Wassenaar met deze accommodatie en in sportief opzicht mooie locatie, “een gebied waar sport en bewegen samenkomen”, wil gaan doen. De sportvoorziening in Kerkehout is met uitzondering van het kunstgrasveld “sterk verouderd”. In de wijk wordt al jaren gesproken over een nieuwe multifunctionele accommodatie waar sport en bewegen nadrukkelijk deel van uitmaken.
De nieuwe sportvisie gaat uit van vier pijlers. Het versterken en ondersteunen van verenigingen en haar vrijwilligers. Een hogere sportdeelname van de inwoners, deels door het aanbod van sport te vergroten. Pijler 3 is een “beweegvriendelijke openbare ruimte” en dat gaat van het strand tot speelplekken, maar ook over de infrastructuur van gebieden zoals de Groene Zone, de duinen of landgoederen. Pijler 4 betreft toekomstbestendige en verduurzaamde sportaccommodaties.
Allemaal mooie doelen natuurlijk, maar In het raadsvoorstel bij de startnotitie plaatsen B en W wel enkele kanttekeningen bij de Sportvisie 2025 – 2035 die in december door de raad moet worden vastgesteld. Zo schept de visie verwachtingen en dient deze “realistisch en behapbaar” te zijn voor de gemeente en andere partijen. Het betreft bewust een lange termijnvisie. Voor een gedragsverandering of toegroeien naar een gezonde leefstijl zijn vaak meerdere jaren nodig. Het college wijst ook op de benodigde ambtelijke capaciteit waarbij meerdere disciplines zijn betrokken. De gemeente wijst ook op het na 2026 verwachte tekort op de eigen begroting, waarbij ook nog eens onduidelijkheid bestaat over specifieke uitkeringen voor sport vanuit de Rijksoverheid.


