
Lezing prof. dr. Bob de Graaff over supergeheime diensten die waren gevestigd in Villa Maarheeze
Op donderdag 18 juni a.s. om 20.00 uur organiseert de Historische Vereniging Oud Wassenaer in het NPB-gebouw een lezing door emeritus hoogleraar intelligence en security studies Bob de Graaff onder de titel ‘Villa Maarheeze: vestigingsplaats van geheime diensten’. In 1998 publiceerde hij met co-auteur Cees Wiebes het vuistdikke boek ‘Villa Maarheeze, De geschiedenis van de inlichtendienst buitenland’ dat in tegenstelling tot wat de titel doet vermoeden, leest als een thriller. Nu aan de ruim honderdjarige Villa Maarheeze een nieuw hoofstuk wordt toegevoegd, in augustus 2025 maakte de gemeente Wassenaar bekend dat het pand is aangekocht door de ambassade van Quatar en de wereldorde zodanig in beweging is dat de rol van inlichtingendiensten en het begrip ‘Koude Oorlog’ opnieuw worden gedefinieerd, is het onderwerp van de lezing buitengewoon actueel.
Door Jos Knijnenburg
Villa Maarheeze werd in de periode 1914-1966 als woonhuis gebouwd op voormalig grondgebied van het landgoed Oud Clingendael, nabij de wijk Kerkehout aan de oostzijde van de Rijksstraatweg. Tot aan de Tweede Wereldoorlog wisselde het geheel nogal eens van eigenaar, maar tijdens de bezetting werd het een domein van de Duitsers die begin jaren veertig een stenen wachthuis bij het inrijhek bouwden.
Direct na de bevrijding werd Villa Maarheeze overgedragen aan het Bureau Inlichtingen (BI) dat in Londen was opgezet voor de regering in ballingschap en volgepakt met spionagemateriaal waaronder bezittingen van veelal niet teruggekeerde geheimagenten. Ruim een jaar later werd Maarheeze de thuisbasis van een al even geheime organisatie, de nieuw opgerichte na-oorlogse Buitenlandse Inlichtingendienst (BID), die vanaf 1972 als de Inlichtingendienst buitenland (IDB) door het leven ging. De medewerkers verzamelden via onder andere ambassadepersoneel in het diepste geheim militaire, politieke, economische maar ook wetenschappelijke informatie in het buitenland. Het streng bewaakte en afgeschermde Maarheeze vormde hierbij het coördinatiecentrum.
Naast de BID/IDB bood Maarheeze direct na de oorlog ook onderdak aan een eveneens supergeheime dienst, die bekend stond als de Sectie Algemene Zaken (SAZ, intern ook wel ‘de Sectie’ genoemd) en later werd geduid als Inlichtingen en Operatiën (I&O). Deze medehuurder van Maarheeze moest voorbereidingen treffen voor een “stay behind” inlichtingennet in het geval van een vijandelijke inval in Nederland. Tot haar taken behoorde ondermeer het voorbereiden van een evacuatie van de koninklijke familie en de regering. Men hield zich ook bezig met het werven, opleiden en trainen van ondergrondse medewerkers die op Maarheeze werden klaargestoomd.
Het einde van de Koude Oorlog door de val van de Berlijnse Muur in 1989, welke feitelijk ook het fundament weghaalde onder de noodzaak om verspreid over Nederland gebouwde mobilisatiecomplexen zoals Maaldrift, in stand te houden, had vergaande gevolgen voor de inlichtingen- en veiligheidsdiensten die op Maarheeze waren gevestigd. De kans op een vijandelijke inval leek te zijn geminimaliseerd. De SAZ werd in 1992, kort na de verhuizing van Maarheeze naar Utrecht, opgeheven.
Maar ook de IDB kwam in zwaar weer terecht. Uit het boek van Bob de Graaff en Cees Wiebes blijkt dat de dienst al voor de omwentelingen in Oost Europa werd geconfroneerd met forse bezuinigingen op de personele formatie. De Koude Oorlog vormde de politieke legitimering van inlichtingen en veiligheidsdiensten, maar de grote boze wolf leek na 1989 plaats te hebben gemaakt voor welpjes waar de politiek zich minder druk om maakte.
Daar bovenop kwam het voorstel om de IDB onder te brengen bij de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) die een nieuw onderkomen in Leidschendam betrok. Er ontstonden grote interne spanningen bij de IDB in Villa Maarheeze, die uitlekten naar de pers waardoor een publiek debat ontstond over de dienst die ooit zo geheim was dat buitenstaanders geen idee hadden waar die überhaupt was gevestigd.
In 1992 viel het besluit om de IDB per 1 januari 1994 op te heffen. Maarheeze werd ontruimd en in januari 1995 door de domeinen (het latere Rijksvastgoedbedrijf) te koop gezet. Het kwam in handen van diverse ontwikkelaars, kreeg in 2001 de status van Rijksmonument en het huis en de unieke tuin werden vanaf 2007 gerestaureerd. Die restauraties en de vooroorlogse geschiedenis werden in 2008 in een boek gedocumenteerd.
De kantoorfuctie bleek een lastige. Met de aankoop door de ambassade van Quatar lonkt een nieuwe tijd voor het ooit zo geheimzinnige Maarheeze.